Opdracht 1A Het gebit


Bij de spijsvertering heb je gezien dat het gebit een belangrijke functie heeft

bij het verteren van voedsel.

Een gebit bestaat uit tanden en kiezen.

 

Als een kind wordt geboren heeft het nog geen tanden.

Voorafgaand aan het blijvend gebit, krijgt een kind eerst een melkgebit.

De eerste melktand breekt gemiddeld tussen de 6 en 9 maanden door.

Bij baby’s en peuters komen er telkens nieuwe melktanden bij.

Vanaf gemiddeld het 7e levensjaar wissel je tanden en kiezen.

De melktanden maken plaats voor een blijvend gebit.

 

Bouw van tanden en kiezen

Tanden en kiezen zijn bedekt met een laagje glazuur. Glazuur is harder dan tandbeen. 
Tandbeen bestaat voor een groot deel uit kalk.

Met het wortelvlies zitten tanden en kiezen vast aan de kaak.

In de tandholte liggen bloedvaten en zenuwen.